Na een mogelijke verklaring over de opgraving in Vianen van het massagraf in deel III, waarbij het scenario van de Stichtse Oorlog eind 15de eeuw is genoemd, is er nog een andere mogelijke verklaring voor handen. 70 jaar daarvoor was er een hevig conflict rond Hagestein en Everdingen waarbij de nodige slachtoffers zijn gevallen.

De Arkelse Oorlog door Hans Kluit

Het lijkt steeds duidelijker te worden dat de begraven personen het slachtoffer zijn geweest van extreem geweld en via de media wordt op dit moment verondersteld dat er twee episodes in de Viaanse geschiedenis zijn geweest waarin sprake was van oorlogsgeweld. Dat zouden de Stichtse Oorlog zijn en de 80-jarige oorlog. De 80-jarige oorlog kunnen we dan beter de 81-jarige oorlog noemen, want in 1567, dus een jaar voordat de geschiedenisboekjes die oorlog laten beginnen, wordt Vianen door Spaansgezinde troepen bezet. Of dat met veel geweld is gegaan is niet duidelijk. Hendrik van Brederode was al uit de stad vertrokken, dus in hoeverre zouden burgers het hebben aangedurfd zich tegen geoefende troepen te verzetten?
De Utrechtse overval in 1482 valt binnen de Stichtse oorlog, tussen 1481 en 1483. Een bekende geschiedenis die zich ook in die periode afspeelt is het verhaal van Jan van Schaffelaar en zijn belevenissen in Barneveld. Die Utrechtse overval hebben we al eerder als mogelijke oorzaak voor het massagraf verondersteld.

Een andere mogelijkheid, die onder andere ook op Twitter opduikt, is de Slag op Lakerveld in 1390. Dit was het gevolg van een uit de hand gelopen conflict tussen Vianen en Gorcum. De relatie tussen de heren van Arkel en de heren van Vianen is nooit hartelijk geweest. We zitten in de periode van de Hoekse en Kabeljauwse twisten. Vianen was Hoeks, Gorcum waar de heren van Arkel de scepter zwaaiden was Kabeljauws.
Een veel grotere geweldexplosie die binnen die context valt, is de Arkelse Oorlog tussen 1401 en 1412. In 1412 werd de vrede getekend, maar in feite zou het conflict pas voorbij zijn als in 1417 Jacoba van Beieren, met Walraven I van Brederode als legeraanvoerder definitief, met de Van Arkels afrekent.

Het moment dat Vianen opduikt in die oorlog is het jaar 1405. In 1349 waren de Van Arkels in het bezit gekomen van Gasperden (Hagestein). Daarmee waren hun bezittingen naar het noorden tot aan de Lek uitgebreid. Gasperden zou versterkt worden tot vestingstad en bij Everdingen werd aan de Lek het kasteel Everstein gebouwd, met de bedoeling tol te gaan heffen. Dat viel uiteraard niet in goede aarde bij de graaf van Holland die aan zijn oostgrens een steeds sterker wordende partij zag opkomen. De bisschop van Utrecht sloot zich in 1405 bij hem aan.

De belegering van Hagestein begon in maart 1405 met het bouwen van een blokhuis even ten oosten van Vianen. Dat blokhuis was een houten verdedigingswerk dat de doorgang naar Hagestein moest blokkeren. Het had een aarden verdedigingswal met eromheen een wand van horden, gemaakt van gevlochten wilgentenen en het werd omgeven met enkele geschutstellingen. Het moet een vrij omvangrijk bouwwerk geweest zijn, want een groot deel van de uit 400 huurlingen bestaande bezettingsmacht werd er gelegerd. De troepen stonden onder bevel van kapitein Jan van Vianen, waarschijnlijk de jongere broer van heer Hendrik II van Vianen. Waar het blokhuis precies gestaan heeft is niet bekend.

Inmiddels had graaf Willem IV van Holland een oproep tot heervaart gedaan.

128px William IV Count of Holland by Hendrik van Heessel

Graaf Willem de IV 

Hollandse en Zeeuwse steden moesten in totaal ruim 1800 man leveren en er werd een ridderleger van 400 man gemobiliseerd. Die troepen begonnen met de bouw van drie nieuwe blokhuizen en andere versterkingen, met de bedoeling Hagestein in te sluiten en bevoorrading onmogelijk te maken. Om de een of andere reden werd eind mei het beleg opgebroken. Of er tot die periode gevochten is, is niet bekend. Er werd wel een bezetting bij de bolwerken achtergelaten, maar dat bleek niet voldoende om de isolatie in stand te houden. Vanuit Leerdam organiseerde Arkel een grote bevoorradingsactie van Hagestein en kasteel Everstein.

Dat werd het sein voor een hernieuwde heervaart. Er werd nu voor begin augustus 1405 in totaal 5000 man opgeroepen, maar een groot aantal bleef gewoon thuis. Er werd een verlaging tot 2160 man voorgesteld voor de Hollandse en Zeeuwse steden, maar dat had ook niet het gewenste effect. Tot het einde van het beleg bleef men klagen over de slechte opkomst, niet alleen van de steden. Ook een groot aantal, met name Zeeuwse ridders hield het na een poosje voor gezien en ging naar huis. Om toch de gewenste sterkte te bereiken werd het leger begin september aangevuld met bijna 1100 huurlingen. De Utrechtse bisschop had zich inmiddels bij de belegeraars aangesloten en nam kasteel Everstein voor zijn rekening. Voor de aanvoer van troepen had hij bovenstrooms van Everdingen een brug over de Lek laten slaan.
Het is lastig om een idee te krijgen over de gemiddelde grootte van de totale troepenmacht, maar schattingen komen uit op rond de 4000 man. Graaf Willem verbleef aanvankelijk als gast van heer Hendrik van Vianen op Batestein, maar betrok uiteindelijk een eigen huis tussen Vianen en Hagestein.

Bij de blokhuizen werden steenbussen geplaatst, grote kanonnen die stenen kogels tot een diameter van soms wel 60 centimeter konden afschieten. Er zijn gegevens van vijf steenbussen: Roosje, Grote Griet, Luyntje, Snelleken en de Grote Bus van Delft. Daarnaast had men de beschikking over 20 tot 30 ‘vogelaars’, een kleiner type kanon. Ook Hagestein beschikte over tenminste drie steenbussen en een aantal vogelaars.
Het bouwen van nieuwe blokhuizen en het aanleggen van met horden beschermde aarden wallen was gevaarlijk werk wegens de aanhoudende beschietingen. Daarom werden de horden gevlochten op Het Zand in Vianen en als het donker was op karren naar het legerkamp gebracht waar ze ’s nachts werden opgezet.

Er werd niet alleen geschoten, er werden ook stormaanvallen op de kastelen Everstein en Gasperden uitgevoerd. Over verliezen is niet veel terug te vinden. Utrechters probeerden gangen te graven naar Everstein. Dat ging gepaard met grote verliezen. Dat is vrijwel het enige dat er te vinden is, maar door de beschietingen vanuit Hagestein en bij de bestormingen zullen ongetwijfeld de nodige slachtoffers zijn gevallenen.

Belegering slot Hagestein

Waar zijn die mensen begraven? De mogelijkheid om overledenen over grote afstanden te vervoeren waren in 1405 redelijk beperkt. En was het bijvoorbeeld van elke huurling bekend waar hij vandaan kwam en waar hij eventueel begraven zou willen worden? Het is dus niet onmogelijk dat er een aantal dicht in de buurt van het krijgsgeweld ter aarde is besteld.

De belegering kwam eind december 1405 tot een eind. Na een natte zomer en najaar viel begin december een strenge vorst in. De voorraden waren op en de slotgrachten vroren dicht, een buitenkansje natuurlijk voor de aanvallers. Everstein gaf zich over op 11 december met vrije aftocht voor de bezetting, Gasperden volgde op 23 december. Beide kastelen werden volledig verwoest. Everstein zelfs zo volledig dat we niet eens meer weten waar het precies gestaan heeft. Van Hagestein is alleen op luchtfoto’s terug te zien dat het ooit een vierkant vestingstadje had moeten worden.

Hestein Plattegrond verkleind

Bron: De Arkelse oorlog 1401-1412; Een politieke, krijgskundige en economische analyse; M.J.Waale; 1990.